De mannen in de Rotterdamse haven zijn de laatste die nog weten wat een staking inhoudt, hoor je nog wel eens. Zij staan ergens voor, zij komen nog ergens voor op. In 2014 blokkeren ze nog het Wilhelminaplein in Rotterdam.

Havenarbeiders op de Coolsingel in Rotterdam. Foto: Eric Koch, Nationaal Archief

Havenarbeiders op de Coolsingel in Rotterdam. Foto: Eric Koch, Nationaal Archief

Een van de grootste acties in de Rotterdamse haven vindt plaats in 1970. Zo’n 30.000 havenwerkers leggen vrijwel de hele haven plat. En dat terwijl de staking niet door de bonden wordt ondersteund. Sterker nog, de havenwerkers keren zich juist tegen de bonden. De eis: 75 gulden erbij in de week.

Groei
De haven van Rotterdam groeit flink in de jaren ’60. De overslag neemt toe en krijgt een andere vorm. Oorzaak: de introductie van de container. Tot dan toe is het werk in de haven heel arbeidsintensief, maar dat begint te veranderen.

De toegenomen handel zorgt voor fusies, overnames en een flinke groei van de havenbedrijven. Het personeel profiteert daarvan niet mee. De lonen gaan nauwelijks omhoog. Ondertussen moeten werknemers soms ineens bij andere bedrijven of op andere locaties aan de slag. Dat zorgt voor onrust. Ook de aanwezigheid van oproepkrachten, die werken via zogeheten koppelbazen, voert de spanning op. Zij ontduiken massaal de cao. Netto krijgen de oproepkrachten daardoor meer. En dat is tegen het zere been van het vaste personeel.

Fokke Kuiper is destijds bedrijfsleider bij de firma Pakhoed, een van de voorlopers van het huidige Vopak. “Alles was in beweging, behalve in de haven. Ik kon me er wel iets bij voorstellen, toen ik hoorde dat ze op de werkvloer vonden dat hun betaling achterbleef.”

Metaalsector
De bom barst op 25 augustus 1970. Niet in de haven, maar in de metaalsector. De metaalbonden eisen 25 gulden per week meer loon. Op die manier moet het verschil in inkomen met het personeel van de koppelbazen worden weggewerkt.

De onvrede slaat over naar de bedrijven in de haven. De bonden zijn dan nog in gesprek over die 25 gulden en zij zijn niet van plan om actie te gaan voeren.

Wouter ten Braake. In 1970 was hij stakingsleider. Beeld: TV Rijnmond - Vergeten Verhalen

Wouter ten Braake. In 1970 was hij stakingsleider. Beeld: TV Rijnmond – Vergeten Verhalen

Wouter ter Braake maakt dan als 21-jarige deel uit van de Kommunistische Eenheidsbeweging Nederland (KEN). De partij is een afsplitsing van de toenmalige CPN. Als havenwerkers hem aanspreken ‘waarom zij niets gaan doen in de haven’ komen de communisten in actie.

“Wij sprongen in een gat, daar komt het in feite op neer”, zegt Ten Braake. “Dat die mannen staakten was begrijpelijk. Ze waren boos en niemand, geen enkele organisatie steunde hen.”

Volksheld tegen wil en dank
Ten Braake heeft na het eerste gesprek met de havenwerkers op een zondagavond een klein pamflet gemaakt, op een half A4-tje. De volgende ochtend wordt de tekst verspreid aan de poorten. Er staat een oproep in om naar het Doelenplein in het centrum van Rotterdam te komen. “We hadden ingeschat dat er een paar honderd mensen zouden komen”, blikt Ten Braake terug. “Maar in de ochtend waren het er al een paar duizend. Toen hebben we de naam Arbeidersmacht verzonnen.”

Dockworkers listen

Havenarbeiders luisteren naar Wouter ten Braake van de nieuwe Arbeidsmacht. Foto: Eric Koch, Nationaal Archief.

Het is nooit de bedoeling geweest dat Ten Braake hét gezicht zou worden van de nieuwe beweging, hij komt tenslotte niet eens uit de haven. Maar het gebeurt toch. “Een van de havenwerkers die het woord zou voeren, een jonge snuiter, die durfde op het laatste moment niet”, legt Ten Braake uit. “Toen werd er gezegd dat ik het moest doen, omdat ik al een namens een bewonersgroep in het Oude Westen het woord had gevoerd. Dus als niet-havenarbeider klom ik op dat muurtje met de megafoon.” Hij is waarschijnlijk met zijn 21 jaar de jongste stakingsleider in de Nederlandse geschiedenis.

De belangrijkste mededeling die de nieuwe woordvoerder van Arbeidersmacht doet is dat ze niet akkoord kunnen gaan met een loonsverhoging van 25 gulden, die dan nota bene net is binnengesleept door de bonden. Er moet 75 gulden bij. Daar kunnen de havenbonden niet tegenop en Ten Braake is meteen een volksheld.

Maoïsten en Pekingchinezen
Maar de populariteit van de nieuwe Arbeidersmacht is niet overal even groot. Veel mensen moeten helemaal niets hebben van deze nieuwe communistische beweging. Toenmalig burgemeester Thomassen omschrijft de ontwikkelingen als volgt:

“De leiding is in handen van Mao-communisten. De instructies en de middelen komen via Albanië en Parijs naar Nederland.” (Rotterdamse burgemeester Thomassen)

Ook de vakbonden zijn niet blij. Zij voelen er niets voor om terug te moeten naar de havendirecties en te gaan praten over 75 gulden. En daarmee is er een duidelijke kloof zichtbaar tussen de bonden en de werknemers. Die leidt tot een onherstelbare breuk, zo blijkt al snel.

Tienduizend man door de Maastunnel

Havenstaking 1970 - Foto: Eric Koch, Nationaal Archief

Havenstaking 1970 – Foto: Eric Koch, Nationaal Archief

Op 28 augustus 1970 leggen de havenwerkers de Rotterdamse haven stil. Op 3 september trekken ze door de Maastunnel in een optocht die begint op Zuid en voert naar het hoofdkantoor van de Scheepvaartonderneming Zuid, een groep havenondernemers. Onderweg wordt gescandeerd: 25 gulden nee, 75 gulden ja. De stoet trekt ook langs het kantoor van de Vervoersbond. “Daar hebben we een minuut stilte gehouden”, zegt Ten Braake. “Daar hebben we de bond figuurlijk begraven.”

De actie brengt de bonden in een lastig pakket. De havenwerkers willen duidelijk niet meer met de bond praten. Ondertussen ligt het werk in de haven al ruim een week stil.

Ondernemingsraden
De vakbonden vragen de ondernemingsraden om hulp. Of er van elke OR één of twee afgevaardigden willen plaatsnemen in een speciale commissie: de commissie van 43. De commissie moet gaan praten met de bedrijven in de haven. Dat lukt. Er komt snel een bod op tafel: alle stakers krijgen 200 gulden als ze meteen weer aan het werk gaan.

“Ik herinner me dat we nog een poging hebben gedaan om in de tweede week nog een groep stakers bij elkaar te krijgen”, gaat Ten Braake verder. “Maar op een bijeenkomst in de Rivièrahal in Blijdorp kwamen nog maar 300 mensen opdagen. Toen realiseerden we dat het voorbij was.”

Afloop
De 75 gulden extra in de week worden niet binnengesleept. De havenarbeiders gaan akkoord met de helft. “Op zich ook wel begrijpelijk”, zegt Ten Braake. “Twee weken staken en geen geld krijgen en je hebt een gezin. Op een gegeven moment is het potje leeg.”

Maar om nou te zeggen dat de havenwerkers de winnaar zijn geworden? “Misschien een Pyrrusoverwinning”, zegt Kuiper, van een van de bedrijven. “Het betekende dat je tegen je klanten moest zeggen: vanaf nu gaan onze tarieven omhoog. Maar die dreigden meteen naar Antwerpen te gaan. We waren niet flexibel in de uren en werden duurder. Het heeft eerder negatief uitgewerkt dan positief.”

Andere tijden over de Havenstaking van 1970