Clemens Westerhof laat de Nederlandse voetbalwereld in 1985 opschrikken. Hij verklaart dat Feyenoord-spelers in 1980 doping kregen toegediend. Als interim-trainer ziet hij verdachte bekertjes rondgaan in de kleedkamer die de spelers ‘door een muur konden laten gaan’. Westerhof en andere betrokkenen blikken terug op de zaak.

Libregts-Jezek

Ježek en Westerhof (foto: Marcel Antonisse, Anefo. Nationaal Archief)

Voor Westerhof is het een bijzonder seizoen in 1980. Hoofdtrainer Vaclav Ježek wordt in het najaar geopereerd in thuisland Tsjechië, zodat Westerhof tijdelijk tot hoofdtrainer wordt benoemd. In november 1980 speelt Feyenoord tegen AZ’67. Feyenoord verliest kansloos met 5-2 van de latere kampioen van de Eredivisie. Maar in de rust gebeurt er iets vreemds.

Er gaan witte bekertjes met sportdrank rond in de kleedkamer. Volgens Westerhof zit het het verboden pepmiddel efedrine in die bekertjes. “Dat spul geeft spelers conditioneel het gevoel dat ze door een muur kunnen”, aldus Westerhof die speciaal voor dit artikel in gesprek met RTV Rijnmond terugblikt op de situatie van toen.

Verslaggever Hans Koole in gesprek met Clemens Westerhof.

Westerhof beweert dat directeur Peter Stephan in de rust de kleedkamer bezoekt en dat hij verzorger Gerard Meijer sommeert om samen met hem plastic witte bekertjes met sportdrank uit te delen aan de spelers. “Dat was vreemd, want Stephan deed dit nooit”, weet voormalig Feyenoord-speler Karel Bouwens zich te herinneren. Bouwens krijgt ook zo’n verdacht bekertje. De voormalig aanvaller heeft net als Westerhof in de zomer van 2015 de tijd genomen om zijn verhaal over de vermeende dopingzaak te delen exclusief met RTV Rijnmond te delen. Stephan heeft altijd ontkent dat hij iets met doping te maken heeft.

Oud-speler Jan Peters, die in 1980 de wedstrijd tegen AZ’67 meemaakte als spits van Feyenoord, heeft ook later verklaard dat hij doping gebruikte. In een interview met het Algemeen Dagblad uit 2010 beweert hij stellig dat ze bij Feyenoord ook voor een belangrijke wedstrijd doping kregen toegediend. Hij heeft het niet expliciet over de wedstrijd tegen AZ’67, maar spreekt wel over ongeveer dezelfde periode.

Onwel
Bouwens heeft nog steeds het vermoeden dat hij toen doping kreeg. “Normaal gesproken was ik doodop na een wedstrijd in de Eredivisie. Maar die avond was ik nog vol energie”, aldus de oud-Feyenoorder. Een andere speler van Feyenoord, Richard Budding, verklaart in 1985 aan de landelijke dagbladen hetzelfde gevoel ervaren te hebben. Hij zou die hele nacht na de wedstrijd de slaap niet kunnen vatten. Daarbij verklaart hij het ook vreemd te vinden dat Stephan de bekertjes sportdrank ronddeelt. Bovendien weet Budding te vertellen dat ze ook nooit sportdrank krijgen, maar thee.

De avond na de wedstrijd moet Bouwens naar het ziekenhuis, want hij wordt onwel tijdens een discobezoek. Hij sluit de oorzaak van overmatig alcoholgebruik uit, omdat hij maar weinig heeft gedronken. Tijdens het onderzoek wordt er niets gevonden bij Bouwens en hij kan weer naar huis. De selectiespeler vertelt op maandag bij de club wat er gebeurd is en verder waait het incident over. Bouwens: “Op dat moment had ik nog niet het besef dat het doping kon zijn. Ik had zoiets ook nog nooit eerder meegemaakt bij Feyenoord. Later kwam die gedachte van mogelijk dopinggebruik pas op.”

Verslaggever Hans Koole in gesprek met Karel Bouwens

Westerhof reageert naar eigen zeggen woedend op de voorvallen. Buiten het feit dat hij fel tegen doping is, denkt hij aan de mogelijke gevolgen. “Wat als ik de dag erna een fikse straftraining had gegeven voor het verlies? Stel dat er twee dood neervallen: wat dan? Dan was ik de gebeten hond geweest”, zegt de voormalig oefenmeester nog steeds met woede in zijn stem.

Beschuldigingen
Westerhof vertrekt aan het einde van het seizoen 1981/’82 bij Feyenoord. Hij is dan vijf jaar in dienst geweest bij de Rotterdammers als jeugdcoach, assistent-trainer en interim-hoofdtrainer. De club wil een frisse start maken en maakt tijdens dat seizoen bekend dat Ježek, Stephan en Westerhof weg moeten. Zij worden door het bestuur verantwoordelijk gehouden voor de slechte resultaten van de afgelopen jaren.

In januari 1985 haalt Westerhof als trainer van Vitesse de vermeende dopingaffaire bij zijn oude club aan in een interview met het voetbalblad Elf. Hij ziet een duidelijk verband tussen het vreemde bezoek van de directeur aan de kleedkamer en de verklaringen van Bouwens en Budding dat zij die avond na de wedstrijd nog vol energie zaten. Bovendien stelt Westerhof dat de landelijke dopingtesten van de voetbalbond een farce zijn. Zo is er volgens hem van tevoren bekend wie er getest wordt.

Oud-directeur Stephan reageert woedend op de verdachtmakingen. De tuchtcommissie van de KNVB start een onderzoek naar de uitspraken van Westerhof. Uiteindelijk wordt er geen bewijs geleverd dat er doping is gebruikt bij Feyenoord.

Slechte conditie
Westerhof geeft in het interview met RTV Rijnmond nieuwe informatie over de dopingaffaire. Volgens hem kregen vier spelers regelmatig doping bij Feyenoord, omdat zij een slechte conditie hadden. “Voor Bouwens, Budding, René Notten en André Stafleu stonden regelmatig aparte bekertjes klaar waarvan niemand anders mocht pakken”, verklaart de oud-trainer.

Bouwens en Stafleu reageren op deze beschuldigen. Stafleu laat in de zomer van 2015 telefonisch weten dat hij woedend is. Hij zegt nooit doping gebruikt te hebben en vindt het belachelijk dat hij daarmee in verband wordt gebracht. Bouwens ontkent het ook: “Wat Westerhof zegt, klopt niet. Ik kan natuurlijk alleen voor mijzelf spreken, maar ik nam nooit doping. En ik had juist een hele goede conditie, dus de redenering van Westerhof klopt ook niet.”

Budding wil niet reageren op de beschuldiging en Notten is in 1995 overleden.

Stadion Feyenoord, Foto: Art (wikipedia)

Stadion Feyenoord, Foto: Art (wikipedia)

Persoonlijke vete
Het blijft een merkwaardig gegeven dat vermeend dopinggebruik tijdens een wedstrijd in 1980 pas in 1985 naar buiten komt. Westerhof geeft toe dat zijn uitlatingen vooral te maken hadden met zijn hekel aan Peter Stephan. “Eigenlijk mag ik het niet zeggen, want hij is er niet meer. Maar ik wilde hem terugpakken en een lesje leren”, zegt Westerhof. De inmiddels 75-jarige Gelderlander heeft in zijn Feyenoord-periode een zeer moeizame relatie met de Hongaarse directeur die in 1995 overlijdt.

Westerhof zegt dat Stephan het niet in hem zag zitten. De Tsjech dwarsboomt zijn carrière bij de Stadionclub terwijl Ježek wel alle vertrouwen in hem heeft. Westerhof kan zich nog fijntjes een gesprek met Stephan herinneren: “Ik heb wel eens tegen hem gezegd dat ik hem als een bloedvlek tegen de muur zou plakken als hij bleef doorgaan mij te jennen bij de club.”

Naast de trainerscapaciteiten had Stephan weinig vertrouwen in de scoutingsvaardigheden van Westerhof. “Ik heb bij hem Jesper Olsen en Michael Laudrup aanbevolen na wedstrijdbezoeken in Denemarken. Volgens Stephan zag ik het niet goed. Die Olsen was te licht en Laudrup wilde zijn familie bij hem te laten inwonen in Nederland. Dat was onbegonnen werk volgens hem.” Olsen zou later bij Ajax schitteren en Laudrup zou spelen voor Barcelona en Real Madrid.

Coke
Uiteindelijk is het woord van de één tegen het woord van de ander van de verschillende betrokkenen. Stephan en verzorger Meijer beweren nooit doping aan spelers van Feyenoord gegeven te hebben. Ben Wijnstekers laat ook duidelijk weten wat hij van de beschuldigingen vindt. “Ik heb nooit doping gebruikt en ik heb ook nooit iemand in mijn omgeving het zien gebruiken”, citeert Het Vrije Volk 4 januari 1985 de Feyenoord-aanvoerder.

Bouwens en Budding, die in 1985 al weg zijn bij Feyenoord, blijven destijds bij hun verklaring dat zij het vermoeden hebben dat ze een pepmiddel tegen AZ’67 hebben gekregen.

Bouwens wordt later door Stafleu beschuldigd van cocaïnegebruik. Volgens Bouwens doet Stafleu dat om Feyenoord vrij te pleiten van het dopinggebruik. “Regelmatig rolde toen van de tribunes dat ik dus doping en coke gebruikte. Het meest vervelend vond ik dat ik aan mijn ouders moest uitleggen dat ik helemaal niets van dat alles gebruikte”, vertelt Bouwens tegenover RTV Rijnmond over die vervelende periode.

Verliezer
De grootste verliezer van deze affaire is Westerhof. Nadat de KNVB het onderzoek heeft afgerond wordt de trainer 20 mei 1985 voor een halfjaar geschorst omdat hij met zijn uitspraken het betaalde voetbal heeft geschaad. Hij verliest hierdoor zijn baan bij Vitesse. Op 25 juni 1985 wordt zijn schorsing weer opgeheven. Westerhof zou met zijn uitlatingen toch niet het voetbal in een kwaad daglicht hebben gesteld.

“Ik ben van een boef weer een vrij man geworden”, zegt Westerhof na zijn vrijspraak. Hij is inderdaad dan een vrij man, maar wel een paria in de Nederlandse voetbalwereld. Zijn naam is voorgoed besmet. Geen enkele Nederlandse betaald voetbalclub wil hem in dienst nemen.

In 1989 gaat Westerhof aan de slag als bondscoach van Nigeria. Met die ploeg wint hij in 1992 de Afrika Cup. Ook haalt hij met dat land in 1994 de tweede ronde van het WK te halen in de V.S.

Overal doping
Het is dus nooit bewezen dat er doping bij Feyenoord is gebruikt. Journalist Guido Derksen durft wel te stellen dat het aannemelijk is. Voor zijn boek ‘Voetbalmysteries. Opgelost’ sprak hij met verschillende oud-voetballers en deed hij onderzoek naar eerdere uitspraken over doping door oud-spelers. “In de jaren zestig, zeventig en tachtig werd er bij veel Nederlandse clubs doping gebruikt”, aldus Derksen.

Verslaggever Hans Koole in gesprek met onderzoeksjournalist Guido Derksen

Ook Derksen wijst op de wedstrijd van Feyenoord tegen AZ in 1980, maar zegt dat al in de jaren ’70 Nederlandse topclubs ‘volop werd gesnoept werd uit de amfetaminepot’. Topspelers uit de jaren ’70 en ’80 als John Rep, Arie Haan en Piet Schrijvers geven in het boek ‘Voetbalmysteries. Opgelost’ toe dat er wel eens werd geslikt.